Reiki en geloof                                                                door Guus Werdmüller von Elgg

Vanaf het begin dat ik cursussen geef, ben
ik regelmatig in contact gekomen met
mensen die meenden mij er van te moeten
overtuigen dat het werken met Reiki in
strijd zou zijn met de Bijbel

Ik kan me bijvoorbeeld nog van jaren geleden herinneren dat ik eens een voorlichtingsavond zou verzorgen in een dorp ergens in de buurt van Lisse. De avond zou worden gegeven in een woonhuis, direct gelegen aan de hoofdstraat. Toen ik daar ruim van tevoren aankwam, stonden er een tweetal mensen me op te wachten met boekjes en folders met Bijbelse spreuken. Zonder enige aankondiging vooraf werd ik vervolgens direct aangesproken op het werk dat ik deed en dat naar hun zeggen in strijd zou zijn met het geloof in God. En omdat ik dat op dat moment zo voelde, begon ik een gesprek waarin ik naast luisteren ook probeerde om mijn ideeën duidelijk te maken. Nu weet ik inmiddels dat het geen zin heeft om met mensen in discussie te gaan die er al bij voorbaat van uitgaan dat hun visie de enige juiste is. Maar de eerste keer dat mij dit overkwam had ik nog de verwachting dat de andere partij ook bereid zou zijn om naar mij te luisteren.

Ik weet niet meer hoe het gesprek precies verliep, maar al gauw ontstond er een onprettige situatie doordat de andere partij zich boven mij meende te moeten plaatsen. Naar hun zeggen waren zij “kinderen van God” en mij werd dat voorrecht ontzegd op grond van mijn - naar hun overtuiging – duivelse werk.

Ik werd op dat moment door die houding enigszins overrompeld. Tot dan had ik het niet voor mogelijk gehouden dat mensen het geloof zouden kunnen aangrijpen om hun starheid in denken aan anderen op te leggen en zichzelf boven anderen te plaatsen.

Na die keer ben ik nog regelmatig met negatieve reacties vanuit streng gelovige groeperingen geconfronteerd. Het laatst nog enkele weken geleden telefonisch en door middel van een brief.

Enerzijds realiseer ik me hier niets aan te kunnen veranderen, maar aan de andere kant merk ik aan mezelf dat ik moeite heb om deze vorm van intolerantie te accepteren. Waarbij voor mij het woord “tolerantie” niet meer betekent dan de wil om elkaar de ruimte te geven om anders te zijn en anders te kunnen denken.    En dit uiteraard binnen de regels die maatschappelijk gelden.

Verder vraagt tolerantie naar mijn idee ook de bereidheid om aan te nemen dat wij mensen allemaal onvolmaakt zijn en regelmatig tekort schieten, zeker waar het betreft het zoeken naar “de waarheid”. Want wat “waar” is voor de één behoeft niet hetzelfde te zijn voor de ander.

Zelf kom ik bijvoorbeeld uit een katholiek gezin. En voor mij houdt dat in dat ik heb geleerd om te bidden, vroeger als kind regelmatig een kerk bezocht en in de loop der jaren wat Bijbelkennis heb opgedaan. Maar dan praat ik wel over de periode dat ik heel jong was, ruim voor mijn puberteit. Want daarna ben ik het contact met de kerk en het geloof, zoals ik dat van huis uit heb geleerd, volledig kwijtgeraakt.

Pas de laatste jaren ben ik weer meer bezig met het geloof, maar nu vanuit een andere – niet dogmatische – betrokkenheid. Als ik nu denk aan een God dan heb ik daar ook volstrekt andere gevoelens bij dan vroeger. Voor mij is de God van nu – die dus in feite dezelfde is – een liefhebbende God die ver buiten de verhalen uit de Bijbel staat. Die geen angsten meer bij me oproept, maar vertrouwen. Die van me houdt met al mijn gebreken en tekortkomingen. Een God die naar mij lacht als ik weer eens een fout maak en mij niet straft om mijn onvolmaaktheid. Een liefhebbende God dus, geen straffende. Waarbij ik zeker niet beweer het leven als zodanig te begrijpen en het in alle gevallen te accepteren. Want ik kan ook heel kwaad worden op dat leven en die God. Maar vanuit mijn geloof mag dat en word ik daar niet voor gestraft.

Het feit dat het geloof voor mij weer belangrijker  is geworden, vindt zijn voornaamste oorzaak in het werk dat ik doe. Door het werken met Reiki ben ik meer en meer mijn behoefte aan controle en de wens om alles te willen begrijpen los gaan laten. Verder is het voor mij belangrijk geworden om oude vaste denkpatronen regelmatig opnieuw te beschouwen en bij te stellen.

Dat (gedeeltelijk) loslaten is voor mij voorwaarde geweest om te kunnen geloven in het “bovennatuurlijke”, waarvan Reiki voor mij slechts één voorbeeld is. 

Kortom, ondanks het feit dat ik al lange tijd geen behoefte voel om een kerk te bezoeken en de Bijbel op dit moment voor mij nog maar weinig betekent, is mijn geloof in “een hogere macht” toegenomen. Maar die hogere macht, die ik nog steeds God noem, heeft in vergelijking met vroeger een totaal andere betekenis gekregen. Ik geloof ook niet meer dat het belangrijk is welke naam we die macht geven. Elke naam is er naar mijn idee één die door mensen is gekozen, zuiver en alleen vanuit de behoefte om zaken meer tastbaar te kunnen maken. 

Maar hoe komt het toch dat sommige mensen vanuit hun geloofsovertuiging ageren tegen een stroming zoals Reiki? Dit terwijl Reiki het vertrouwen in een bovenmenselijke kracht, die ook wel godskracht wordt genoemd, alleen maar versterkt. Bovendien een stroming die vanuit de oorsprong een positieve omgang met elkaar predikt, waarin respect voor het leven vooropstaat.

Zou het misschien angst kunnen zijn? Bijvoorbeeld de angst dat mensen zich meer zelfbewust en dus onafhankelijker gaan opstellen? Wellicht zaken ter discussie gaan stellen die binnen de huidige geloofsstructuur als vernieuwend en voor enkelen dus als bedreigend worden ervaren? Een angst voor andersdenkenden, die wellicht invloed zouden kunnen uitoefenen op de ontwikkelingen binnen de kerk of anderen aan het twijfelen zouden kunnen brengen? Want binnen de algemene maatschappelijke stroming die we inmiddels “New Age” hebben genoemd, onderscheidt Reiki zich als een richting die zich als voornaamste doel stelt om mensen meer bewust te maken van de eigen mogelijkheden op zowel algemeen als spiritueel terrein. 

En terwijl ik dit schrijf merk ik dat de hele kwestie m.b.t. het geloof voor mij toch nog gevoeliger ligt dan ik had gedacht voordat ik met het schrijven van dit stuk begon. Voor een deel vindt dat zijn oorzaak in het feit dat ik van mening ben dat, net zoals dat in de politiek gebeurt, ook het geloof door sommigen nog wel eens wordt misbruikt om macht te kunnen uitoefenen over anderen. Maar daarnaast zie ik, en dat treft me natuurlijk het meest, ook in mijn directe omgeving voorbeelden waarin vanuit datzelfde geloof nog te gemakkelijk het woord respect wordt gehanteerd in situaties waarin er eigenlijk gewoon sprake is van het opdringen van de eigen wil aan anderen.